Zorgen over uitgezette egels op geïsoleerd en slakkenrijk terrein

• Egelbescherming Nederland

Egelbescherming Nederland deelt zorgen van opvangcentra en wijst op het belang van geschikt, verbonden leefgebied.

In het artikel “Geredde egels krijgen nieuwe plek tussen de slakken op boerderij” van Omroep Zeeland, gepubliceerd op 1 juni 2026 wordt beschreven hoe tien egels van dierenopvang De Mikke zijn uitgezet op een boerderij in Colijnsplaat, waar zij onder meer zouden moeten bijdragen aan het verminderen van slakkenoverlast.

Naar aanleiding van dit bericht heeft Egelbescherming Nederland vanuit verschillende egelopvangcentra bezorgde reacties ontvangen. De organisatie deelt deze zorgen.

Een goed uitzetgebied biedt rust, dekking, voedselvariatie, nestgelegenheid, veilige verbindingen met ander leefgebied én de mogelijkheid voor egels om weg te trekken wanneer een plek niet geschikt blijkt, bij gevaar, verstoring of toenemende druk van andere egels.

“Egels uitzetten vraagt grote zorgvuldigheid,” aldus Egelbescherming Nederland. “Egels leven solitair. Zij moeten elkaar kunnen ontwijken, zich veilig kunnen verplaatsen en voldoende mogelijkheden hebben om zelf hun weg te vinden. Vooral zwangere egels en egels met jongen zijn gebaat bij een veilige rustige plek zonder andere egels.”

Een terrein dat slecht verbonden of geïsoleerd ligt, kan voor uitgezette egels een groot risico vormen. Wanneer meerdere egels tegelijk worden uitgezet op een plek waar zij niet goed kunnen wegtrekken, kunnen stress, concurrentie, ziekteoverdracht en problemen rond voortplanting ontstaan. In het voortplantingsseizoen kunnen mannetjes vrouwtjes langdurig najagen en nesten verstoren, tot zelfs het uitmoorden van nesten met jongen aan toe. Het is daarom essentieel dat egels voldoende ruimte en uitwijkmogelijkheden hebben.

Daar komt bij dat een slakkenrijk terrein niet automatisch een goede voedselplek is voor egels. Slakken en naaktslakken besmetten egels met longworminfecties. Deze veroorzaken ernstige luchtwegproblemen, waaronder hoesten, benauwdheid, reutelen, vermagering en longontsteking. Zonder behandeling kan een longworminfectie dodelijk zijn.

Recent onderzoek van Baptista e.a. uit 2026 naar luchtwegparasieten bij opgevangen West-Europese egels laat zien hoe groot dit probleem kan zijn. Bij 63,3 procent van de onderzochte egels werd Crenosoma striatum, een belangrijke longworm bij egels, aangetroffen.

Een plek met veel slakken is daarom niet vanzelf een voedselrijke kans, maar kan juist een verhoogd risico op besmetting of herbesmetting vormen.

Egelbescherming Nederland benadrukt dat gifvrij werken in landbouw, moestuinen en tuinen belangrijk is en steun verdient. Het vermijden van slakkengif en andere schadelijke middelen is ook voor egels van groot belang. Pesticiden staan op 2 bij doodsoorzaken onder egels.

Echte egelbescherming begint bij geschikt leefgebied: rust, dekking, veilige doorgangen, natuurlijke verbindingen, insectenrijkdom, voldoende voedselvariatie en de mogelijkheid voor egels om zelf te bepalen waar zij kunnen en willen leven.

Egelbescherming Nederland vindt ook dat hier te gemakkelijk wordt voorbijgegaan aan de belangen van de egels zelf. Egels zijn wilde dieren. Zij mogen niet worden gebruikt als biologische bestrijders voor een menselijk probleem. Dat geldt des te sterker omdat de West-Europese egel sinds oktober 2024 op de Rode Lijst van de IUCN staat als bijna bedreigd. Een soort die aantoonbaar onder druk staat, moet worden beschermd, niet functioneel worden ingezet omdat hij voor mensen nuttig lijkt.