Effectieve handhaving van milieucriminaliteit vergt tijd en aanhoudende investeringen van de Nederlandse politie. Dit blijkt uit onderzoek van De Haagse Hogeschool in opdracht van het onderzoeksprogramma Politie en Wetenschap. Door de verslechterende ecologische en klimatologische omstandigheden en de versnelde invoering van milieuregelgeving wordt van politieorganisaties in heel Europa verwacht dat zij een bredere rol gaan spelen bij de handhaving van milieucriminaliteit. Dit onderzoek kijkt hoe politieorganisaties in Frankrijk, Spanje en Zweden hiermee omgaan en wat deze bevindingen betekenen voor de Nederlandse situatie. Hoewel de handhavingsmodellen voor milieucriminaliteit in Frankrijk, Spanje, Zweden en Nederland aanzienlijk van elkaar verschillen, is er in alle landen een reeks structurele uitdagingen die de capaciteit van politieorganisaties en hun partners zwaar onder druk zetten.
Het onderzoek
Op basis van werkbezoeken en interviews met 70 professionals en academici, analyse van secundaire gegevens en deskresearch brengt het onderzoek in kaart hoe deze drie landen capaciteit opbouwen om dit soort criminaliteit op te sporen en te handhaven.
Frankrijk vertegenwoordigt een sterk gefragmenteerd model voor de handhaving van milieucriminaliteit met meerdere actoren, dat wordt gekenmerkt door overlappende bevoegdheden tussen regelgevende, administratieve en strafrechtelijke instanties. Zweden heeft, net als Nederland, een lange traditie waarin milieubescherming en -beheer prioriteit krijgen. Bovendien legt Zweden de primaire verantwoordelijkheid voor het onderzoeken van milieudelicten bij de nationale politie, wat het tot een belangrijk vergelijkingspunt maakt met de situatie in Nederland. In Spanje speelt de SEPRONA (Servicio de Protección de la Naturaleza) een centrale rol. Dit is de milieubeschermingseenheid van de Spaanse Guardia Civil, die op dit gebied wereldwijd als pionier en koploper wordt beschouwd.
De Nederlandse politie opereert momenteel binnen een systeem dat ambitieus maar structureel beperkt is. Het Nederlandse model voor de handhaving van milieudelicten is een geavanceerd hybride systeem dat een brug slaat tussen administratieve en strafrechtelijke handhaving, waarbij gebruik wordt gemaakt van sectorspecifieke expertise en gespecialiseerde opsporingsinstanties. Het model is het resultaat van decennia van evaluatie en hervormingsinspanningen. Toch blijven er nog veel uitdagingen bestaan, zoals de noodzaak om specialistische expertise op te bouwen, dubbel werk te verminderen en de coördinatie tussen voorheen gefragmenteerde instanties te verbeteren. Zaken zoals waarbij Tata Steel en DuPont/Chemours betrokken waren, illustreren hoe structurele zwakheden kunnen leiden tot langdurige niet-naleving en beperkte handhavingsmaatregelen, ondanks duidelijke milieuschade.
Aanbevelingen
De belangrijkste aanbevelingen zijn: (1) het uitbreiden van de kennisbasis over milieucriminaliteit, (2) het meten van de impact en prestaties van milieuhandhaving, (3) het benaderen van onderzoeken naar milieucriminaliteit als een systemisch leerproces dat tijd en ruimte vereist, en (4) het versterken van de internationale aanwezigheid, samenwerking en opleiding op EU-niveau en daarbuiten.
De strategische prioritering van milieucriminaliteit is een belangrijke stap voorwaarts en er zijn al veel maatregelen in gang gezet. Volgens het onderzoek zijn verdere ontwikkelingen nodig om de organisatorische versnippering terug te dringen, meer institutionele duidelijkheid te scheppen, specialistische expertise te bundelen en de inlichtingencapaciteit op het gebied van milieucriminaliteit te verbeteren. Bovenal benadrukt het onderzoek echter dat dit soort expertise niet van de ene op de andere dag of via een nieuwe reorganisatie kan worden opgebouwd, wat het proces juist zou kunnen vertragen. Effectieve handhaving van milieucriminaliteit vergt tijd en aanhoudende investeringen om verankerd te raken in het institutionele DNA van de nationale politie.
Boektitel: Versterking van de politiecapaciteit in de Europese modellen voor de handhaving van
milieudelicten: Strategische lessen voor de Nederlandse politie.
Door: Dr. Anna Matczak, De Haagse Hogeschool, Politiewetenschap 141, Politie en Wetenschap, Apeldoorn; Sdu Uitgevers, Den Haag 2026.
Rapport: Het rapport is in het Nederlands en in het Engels gratis te downloaden als PDF of als E-book van de website www.politieenwetenschap.nl