Een Nederlandse medewerker van een Amerikaans technologiebedrijf kreeg onlangs te horen dat het om 17.00 uur naar huis gaan na een werkdag volgens zijn leidinggevende een teken van ‘gebrek aan toewijding’ is. De opmerking legt een cultuurverschil bloot dat in Nederland gevoelig ligt: hier gelden duidelijke afspraken over werktijden.
Uren en tijdstippen vastgelegd
In Nederland worden in arbeidsovereenkomsten doorgaans niet alleen het aantal uren, maar ook de tijdstippen waarop gewerkt wordt vastgelegd. Wie zich aan deze afspraken houdt, voldoet aan het contract. Het idee dat langer blijven gelijkstaat aan meer inzet, past niet bij onze arbeidsnormen.
Overwerk? Alleen als afgesproken
Hoewel incidenteel overwerk kan worden gevraagd op basis van goed werknemerschap, blijft het uitgangspunt altijd het contract. Soms staat in de overeenkomst dat overwerk tot op zekere hoogte bij de functie hoort, maar als daar niets over is afgesproken, kan een werkgever niet structureel eisen dat iemand langer blijft. Daarnaast spelen cao-afspraken en de Arbeidstijdenwet een belangrijke rol bij het beschermen van werknemers.
Cultuurverschil
In de Verenigde Staten wordt ‘face time’, zichtbaar aanwezig zijn, vaak als bewijs van loyaliteit gezien. In Nederland draait het om productiviteit binnen afgesproken kaders. Het is niet ongebruikelijk dat Nederlandse werknemers om vijf uur de laptop dichtklappen. Dat is geen gebrek aan toewijding, maar naleving van afspraken.
Overigens wordt flexibiliteit vaak wel door werkgevers gewaardeerd en werkt het twee kanten op.