Allochtone medewerkers worden slecht vertegenwoordigd in ondernemingsraden, de inspraakorganen bij bedrijven en instellingen. Hoewel ongeveer 20% van de medewerkers in organisaties volgens het CBS een westerse of niet westerse migratieachtergrond heeft, bestaat de OR voor slechts 6,5% uit allochtone medewerkers. Dat is een achteruitgang ten opzichte van 2015, toen nog 7,2% van de OR-leden allochtoon was. Dat blijkt uit het OR Trendonderzoek 2017, een peiling onder bijna 900 OR’en van Performa.
Wel stelt een licht groeiend aandeel allochtone medewerkers zich kandidaat voor de OR. Was bij de voorlaatste OR-verkiezingen 8,6% van de kandidaten voor het lidmaatschap van de OR allochtoon, bij de meest recente is dat percentage gestegen tot 9,2%. Dit heeft alleen dus (nog) geen effect op het aantal allochtonen dat daadwerkelijk gekozen is en zitting neemt in de OR.
OR voornamelijk bevolkt door 40-plussers
Ook jongeren en vrouwen worden te weinig vertegenwoordigd in de ondernemingsraad. Gelukkig gaat het wel de goede kant op met deze groepen, al is dat schoorvoetend. Tussen 2015 en 2017 groeide het aandeel jongeren (<35 jaar) met 1 procentpunt, net als het aandeel 55-plussers. De middengroep is daarmee nog steeds oververtegenwoordigd: zij maken 45% van de werkzame beroepsbevolking uit, maar bezetten momenteel 61% van de OR-zetels. Het aandeel vrouwen in de OR groeide tussen 2015 en 2017 met 0,7%.
Proactief beleid
Zonder proactief beleid duurt het nog decennia voordat de OR is omgebouwd tot een representatief, ‘inclusief’ medezeggenschapsorgaan. Het is belangrijk dat zowel bestuurder als OR bij kandidaatstelling voor de OR en bij de OR-verkiezingen zelf proberen alle medewerkers, man of vrouw, jong of oud, allochtoon of autochtoon mee te laten doen.