Save the Children: ruim 80.000 kinderen in Soedan ontvangen levensreddende medicijnen

• Save The Children Nederland

PORT SUDAN, 17 maart 2026Gezinnen en kinderen in Tawila (Noord-Darfur), een moeilijk bereikbaar gebied in Soedan, krijgen levensreddende hulp na levering van 30 ton medicijnen door Save the Children. De medicatie werd geleverd na een zware reis van drie weken. De zending, vervoerd vanuit Port Sudan, zal naar verwachting meer dan 80.000 kinderen en 57.000 volwassenen in Tawila ondersteunen en is voldoende om 20 zorgfaciliteiten en mobiele klinieken zes maanden operationeel te houden.

De levering bevat essentiële medicijnen zoals antibiotica voor de behandeling van luchtweginfecties, vloeistoffen, multivitaminen, topische medicatie, oor- en oogdruppels, en behandelingen tegen ondervoeding. Ook omvat de zending antibiotica voor de behandeling van maag-darm-, luchtweg- en urineweginfecties, evenals medicatie tegen cholera.

Afhankelijk van hulporganisaties voor gezondheidszorg

Tawila is de thuisbasis van meer dan 650.000 intern ontheemde mensen, van wie de meesten vorig jaar zijn gevlucht voor gewelddadige aanvallen in de kampen Zamzam en Abu Shouk in Noord-Darfur. Ontheemde gezinnen zijn grotendeels afhankelijk van hulporganisaties voor gezondheidszorg en voedingsdiensten.

De zending maakt deel uit van een grotere levering medicijnen die vanuit Nairobi in Port Sudan aankwam en deed er drie weken over om Tawila te bereiken, waarbij extreem woestijnterrein en gevaarlijke routes werden doorkruist. Dit is de vierde levering van Save the Children aan Tawila sinds februari 2025 en de eerste sinds een grote aankomst van ontheemde mensen in oktober 2025.

Aanvulling voorraden van groot belang

Save the Children laat weten dat deze levering cruciaal is omdat de gezondheidsfaciliteiten in Tawila gevaarlijk weinig medicijnen hadden, juist op het moment dat duizenden ontheemde gezinnen arriveerden. Dringende aanvulling van voorraden was van groot belang om het instorten van moeder- en kindzorg te voorkomen en om de toenemende ondervoeding, het risico op hongersnood en uitbraken van ziekten in overvolle opvanglocaties aan te pakken.