Nu het droogteseizoen is begonnen en waterbeheerders lokaal al maatregelen nemen om water vast te houden, waarschuwt Hogeschool Rotterdam dat droogte nog te vaak wordt gezien als een probleem van landbouw en natuur, terwijl ook steden kwetsbaar zijn. Langdurige droogte kan leiden tot schade aan gebouwen en infrastructuur, druk op drinkwater en aantasting van stedelijk groen en waterkwaliteit. Als lead partner van het landelijke onderzoeksproject Thirsty Cities onderzoekt Hogeschool Rotterdam samen met kennisinstellingen, gemeenten en andere partners hoe steden zich beter kunnen voorbereiden op droge perioden.
De Sponstuin in Rotterdam (M4H gebied) - fotograaf onbekend
De urgentie is groot. De landelijke Beleidstafel Droogte raamde de kwantificeerbare economische schade van de droge zomer van 2018 op 900 miljoen tot 1,65 miljard euro. Daarnaast wijst de Raad voor de leefomgeving en infrastructuur erop dat funderingsproblematiek nu al speelt bij ongeveer 425.000 gebouwen, of daar tussen nu en 2035 zal ontstaan. Droogte is niet de enige oorzaak van funderingsschade, maar vergroot het risico wel, onder meer doordat bodems inklinken en ongelijk kunnen zakken.
“Veel mensen denken bij droogte nog steeds vooral aan landbouw of natuurgebieden. Maar ook in steden zijn de gevolgen groot, alleen vaak minder zichtbaar,” zegt Ted Veldkamp, lector Klimaat & Water aan Hogeschool Rotterdam. “Denk aan funderingen die kwetsbaarder worden, groen dat het moeilijk krijgt, slechtere waterkwaliteit en druk op de beschikbaarheid van voldoende zoet water. Juist omdat die schade zich vaak geleidelijk opbouwt, wordt het probleem gemakkelijk onderschat.”
Steden zijn niet ontworpen voor langdurige droogte
Nederland is decennialang vooral ingericht op het zo snel mogelijk afvoeren van overtollig water. Maar door klimaatverandering worden droge en warme perioden waarschijnlijk vaker een probleem, ook in het voorjaar. Het KNMI monitort droogte daarom sinds 2026 niet meer alleen tijdens het traditionele groeiseizoen, maar het hele jaar door, omdat droogte ook al vóór 1 april kan ontstaan en eerder in het jaar zichtbaar moet worden.
Dat vraagt om een andere manier van denken over de gebouwde omgeving, zegt Veldkamp. “We moeten niet alleen kijken hoe we water kwijt kunnen, maar ook hoe we het langer kunnen vasthouden, slimmer kunnen verdelen en beter kunnen benutten in de stad. Dat vraagt om andere ontwerpkeuzes én om betere samenwerking tussen gemeenten, waterschappen en andere partijen.”
Droge grasvelden - fotograaf Fleur Beerthuis
Niet alleen een klimaatvraagstuk, maar ook een bestuurlijke opgave
Juist daar zit nog een belangrijk knelpunt. Uit onderzoek naar de voortgang van klimaatadaptatie in de gebouwde omgeving blijkt dat 70 procent van de bevraagde gemeenten de eigen capaciteit onvoldoende vindt om de opgave goed aan te pakken. Dat maakt droogte niet alleen een technisch of ecologisch vraagstuk, maar ook een bestuurlijk en organisatorisch probleem. Voor steden als Rotterdam is dat extra relevant. Rotterdams Weerwoord wijst erop dat langdurige droogte onder meer kan leiden tot schade aan bebouwing en infrastructuur, problemen voor stedelijk groen en risico’s rond funderingen en verzilting. Ook als er nog water uit de kraan komt, betekent dat dus niet dat de stad geen last heeft van droogte.
Van waarschuwing naar handelingsperspectief
Binnen Thirsty Cities werkt Hogeschool Rotterdam als lead partner samen met acht andere kennisinstellingen en meer dan twintig praktijk- en netwerkpartners aan concrete oplossingen voor droogte in de gebouwde omgeving. Het project richt zich onder meer op het beter begrijpen van stedelijke watersystemen, het ontwikkelen van bruikbare droogte-indicatoren, het bepalen van de minimale waterbehoefte van stedelijke functies en het verbeteren van samenwerking tussen overheden.
Daarbij worden ook meetlocaties ingericht en praktijksituaties onderzocht in samenwerking met gemeenten. De lessen uit die praktijk moeten uiteindelijk leiden tot beter onderbouwde keuzes voor droogtebestendig ontwerpen en handelen. “Gemeenten willen vaak wel aan de slag, maar missen nog regelmatig de kennis, de instrumenten of de bestuurlijke verbinding om dat goed te doen,” zegt Veldkamp. “Met dit onderzoek willen we droogte minder abstract maken en juist laten zien waar bestuurders en ontwerpers vandaag al op kunnen sturen.”
Droogte raakt meer mensen dan vaak wordt gedacht
Volgens Hogeschool Rotterdam is meer bewustwording nodig, juist omdat droogte in steden minder zichtbaar is dan wateroverlast. Waar extreme regen direct leidt tot natte straten of ondergelopen kelders, bouwt droogteschade zich vaak langzamer op, onder de grond of verspreid over langere tijd. Dat maakt het risico minder zichtbaar, maar niet minder urgent. “Wie denkt dat droogte vooral een probleem van buiten de stad is, vergist zich,” aldus Veldkamp. “De vraag is niet óf steden ermee te maken krijgen, maar hoe goed we ons erop voorbereiden.”
Lector Ted Veldkamp - Klimaat en Water (Fotocredits: Hogeschool van Amsterdam)


