Bijna de helft van de jongvolwassenen (47 procent) kende bij het zoeken naar een eerste stage of baan niemand die hen bij een werkgever kon introduceren. Dat blijkt uit onderzoek van Multiscope onder 1.000 jongvolwassenen van 18 tot en met 34 jaar, in opdracht van JINC voor Week van Gelijke Kansen.
Bijna zes op de tien (59 procent) kregen hulp bij hun zoektocht. Ruim een derde (38 procent) werd door iemand in contact gebracht met een werkgever.
Met een introductie vaker binnen een maand een plek
Van de jongvolwassenen die hulp kregen én door iemand in contact werden gebracht met een werkgever, vond 50 procent binnen een maand een eerste stage of baan. Onder de jongvolwassenen die wel hulp kregen, maar geen introductie bij een werkgever, was dat 39 procent. Daarnaast ervoer 60 procent van de eerste groep de zoektocht als makkelijk of heel makkelijk, tegenover 45 procent van de tweede groep. Het onderzoek toont een samenhang tussen een introductie bij een werkgever en een snellere, makkelijker ervaren zoektocht naar een eerste stage of baan.
Niet iedereen kan terugvallen op hulp
Ouders, stagebegeleiders en docenten spelen een grote rol bij de eerste stap naar werk. Vooral voor mbo-opgeleiden is school een belangrijke ingang.
Van de jongvolwassenen die geen hulp kregen, had 21 procent die wel nodig, maar kende niemand die kon helpen. Op de open vraag wat hen het meest zou hebben geholpen, noemt 34 procent begeleiding en 27 procent een netwerk.
Illya Soffer, algemeen directeur van JINC: "Je toekomst hangt niet alleen af van wat je kunt, maar ook van wie je kent en wie jou verder kan helpen. Voor sommige jongeren is het vanzelfsprekend dat iemand meedenkt, vertelt hoe het werkt of hen introduceert bij een werkgever. Voor veel anderen ontbreekt die ingang. Terwijl talent overal aanwezig is, is toegang tot de wereld van werk niet voor iedereen gelijk. Daarom brengt JINC jongeren in contact met bedrijven en professionals, laten we jongeren de wereld van werk ontdekken en helpen we hen hun eigen mogelijkheden en netwerk te vergroten."
JINC brengt jongeren, onderwijs en werkgevers samen, zodat jongeren kennismaken met beroepen en professionals die zij vanuit hun eigen omgeving niet vanzelf tegenkomen. Deze inzichten sluiten aan bij de nieuwe JINC-whitepaper Wat jongeren verder helpt. Daarin staat centraal dat jongeren hun weg naar onderwijs en werk niet alleen vinden door motivatie en vaardigheden, maar ook door ervaringen, begeleiding en de mensen die zij onderweg ontmoeten.
Week van Gelijke Kansen: Jouw netwerk, hun toekomstkansen
Week van Gelijke Kansen vindt plaats van 2 tot en met 8 november 2026, met het thema ‘Jouw netwerk, hun toekomstkansen’. JINC vraagt aandacht voor de rol die werkgevers, onderwijsprofessionals, vrijwilligers en andere volwassenen kunnen spelen in het vergroten van kansen voor jongeren.
Tijdens de week nodigt JINC iedereen uit om stil te staan bij twee vragen: Welke kans kreeg jij ooit? En welke kans geef jij door?
In Week van Gelijke Kansen verschijnt ook een speciale podcast met minister van OCW Rianne Letschert. Daarin vertelt zij onder andere hoe belangrijk het is dat jongeren mensen ontmoeten die in hen geloven: "Hoe makkelijk kan het zijn om of iemand heel klein te maken zonder onderbouwing, of gewoon te geloven in iemand."


