De Koninklijke Nederlandse Jagersvereniging steunt de koers van staatssecretaris Silvio Erkens om niet automatisch toe te werken naar een steeds grotere wolvenpopulatie in Nederland. Volgens de vereniging is het hoog tijd voor een fundamentele discussie over de vraag hoeveel ruimte er in een dichtbevolkt land als Nederland daadwerkelijk is voor de wolf.
De gevolgen van de groeiende wolvenpopulatie worden steeds zichtbaarder. Wolven verschijnen in dorpen en woonwijken, lopen door straten en worden steeds vaker waargenomen op plaatsen waar mensen recreëren. Ouders maken zich zorgen over kinderen die door bosgebieden naar school fietsen, veehouders vrezen nieuwe aanvallen op hun dieren en maatschappelijke onrust neemt toe.
"Wat ecologisch maximaal mogelijk is, is iets anders dan wat Nederland moet of wilt herbergen", stelt de Jagersvereniging. "De maximale draagkracht is geen beleidsdoelstelling en ook niet hetzelfde als een streefwaarde voor de instandhouding van de wolf".
Volgens de Jagersvereniging is het huidige beleid vooral gericht op het bestrijden van individuele probleemwolven, terwijl de echte vraag onbeantwoord blijft: hoe houden we de balans tussen de bescherming van de wolf en een veilige, leefbare omgeving voor mens en dier?
Nederland is dichtbevolkt: realistische aanpak noodzakelijk
Het veelbesproken getal van 56 wolvenroedels in Nederland uit onderzoek van Wageningen University & Research mag volgens de vereniging niet als streefgetal worden gezien. Dat cijfer beschrijft wat ecologisch maximaal mogelijk is, niet wat maatschappelijk wenselijk of bestuurlijk verantwoord is. Bij die berekening zijn factoren als bevolkingsdichtheid, landbouw, recreatie en veiligheid niet meegenomen. Het belangrijkste is dat de levensvatbaarheid van de wolvenpopulatie wordt gewaarborgd. Dat betekent niet dat Nederland tot in de kleinste uithoeken gevuld moet zijn met wolven.
"Nederland is geen uitgestrekt natuurgebied, maar een van de dichtstbevolkte landen van Europa. Juist daarom moeten ecologische belangen en de veiligheid en leefbaarheid voor mensen afgewogen worden. Bescherming van de wolf is belangrijk, maar een realistische aanpak ook noodzakelijk " aldus Laurens Hoedemaker, directeur Koninklijke Nederlandse Jagersvereniging.
Daarnaast maakt de Nederlandse wolf deel uit van een grote Centraal-Europese populatie die zich uitstrekt over meerdere landen. De vraag is daarom niet hoeveel wolven er binnen onze landsgrenzen passen, maar welke bijdrage Nederland moet leveren aan het behoud van de soort binnen die internationale populatie.
Proactief wolvenbeheer
De Jagersvereniging pleit voor een omslag van reactief naar proactief wolvenbeheer. Niet wachten tot incidenten zich opstapelen, maar vooraf duidelijke keuzes maken over populatieontwikkeling, draagkracht en beheer. Alleen zo kan worden voorkomen dat de maatschappelijke acceptatie van de wolf verder onder druk komt te staan.
De Jagersvereniging wijst er bovendien op dat beheer ook invloed kan hebben op het gedrag van dieren. In gebieden waar wolven volledig gevrijwaard zijn van ingrijpen, neemt de kans toe dat zij hun schuwheid voor mensen verliezen. Een beheerregime waarbij onder strikte voorwaarden kan worden opgetreden, draagt er juist aan bij dat wolven mensen blijven mijden. "Een wolf die afstand houdt tot mensen is uiteindelijk in ieders belang. Beheer gaat daarom niet alleen over aantallen, maar ook over het behouden van natuurlijk en wenselijk gedrag."