Nederlandse bouwbedrijven staan voor ingrijpende strategische keuzes. Na jaren van krimp lijkt (voorzichtig) herstel in zicht, maar tegelijkertijd versnelt de consolidatie in de sector. Investeerders, private equity-partijen en grotere familiebedrijven tonen interesse. Dit blijkt uit onderzoek van Aeternus Corporate Finance.
Herstel in de markt, maar beperkt
De Nederlandse bouwmarkt stabiliseert na een periode van krimp. Voor de komende jaren wordt echter slechts beperkte groei verwacht. ING rekent op circa 0,5% volumegroei per jaar in 2025 en 2026. ABN AMRO is iets optimistischer met ongeveer 1% in 2025 en 2–3% in 2026. Het Economisch Instituut voor de Bouw (EIB) spreekt over een sterkere versnelling richting 2027. Het structurele woningtekort blijft de belangrijkste aanjager: het verschil tussen vraag en realisatie maakt woningbouw op lange termijn een cruciale groeimotor.
Consolidatiegolf in volle gang
Het aantal overnames in de bouwketen is de afgelopen jaren zichtbaar toegenomen. Trebbe verstevigde haar regionale positie via de overname van Giesbers. KlokGroep nam Adriaan van Erk over vanwege uitbreiding van productiecapaciteit en krapte op de arbeidsmarkt. En Hurks ging over naar Ballast Nedam, mede omdat opvolging ontbrak en de verkoper zocht naar een partij die de jarenlange cultuur en werkwijzen respecteert. Dit patroon ziet Aeternus vaker terug in de markt.
Private equity rukt op
Waar private equity traditioneel weinig interesse toonde in de bouwsector vanwege volatiele omzetten en lage marges, is dat beeld gekanteld. De langdurige vraag naar woningen en de fragmentatie van de markt maken de sector nu aantrekkelijk. Naast private equity zoeken ook grotere familiebedrijven actief naar familiebedrijven zonder opvolging. Buy-and-build staat nadrukkelijk op de agenda.
Wat bepaalt de waarde van een bouwbedrijf?
Volgens Aeternus zijn er twee doorslaggevende factoren bij de waardering van bouwbedrijven. Ten eerste de kwaliteit van het orderboek: opdrachten moeten een hoge mate van voorspelbaarheid hebben en goed gespreid zijn over opdrachtgevers en in de tijd. Ten tweede de kwaliteit van het managementteam: een commercieel en ervaren team met regionale aanwezigheid verkleint de afhankelijkheid van het persoonlijk netwerk van de directeur-grootaandeelhouder (DGA) en borgt dat kennis bij meerdere key medewerkers zit.
Volgens de analyse van Aeternus ligt de EBITDA-multiple voor bouwbedrijven in de range 4,6 - 6,4, afhankelijk van de bedrijfsgrootte en de soort activiteiten.
Nu vooruitkijken, niet afwachten
Voor ondernemers in de bouw is dit het moment om strategisch vooruit te denken. Een bedrijfsoverdracht gaat niet van de ene op de andere dag: het vraagt voorbereiding, tijd en de juiste partners. In de praktijk zijn opvolgingsproblemen en groei die om investeringen vraagt de meest voorkomende aanleidingen om over te gaan tot verkoop. Wie investeerders wil toelaten of vanwege persoonlijke overwegingen overweegt te verkopen, doet er verstandig aan om voorbereid te zijn, en niet te wachten totdat de urgentie zich aandient. De vraag die nu bij veel ondernemers speelt, is dan ook: kopen, groeien of verkopen?
Benieuwd naar de gehele analyse?
