'Digitale pilot gemeenten raakt ook inrichting van de werkplek'

• HEVO

De pilot van vier gemeenten met een autonome digitale werkomgeving laat zien dat digitalisering niet langer slechts een ICT-vraagstuk is. De keuze voor meer regie op digitale infrastructuur heeft directe gevolgen voor hoe bedrijven en instellingen hun werk organiseren en daarmee ook voor hun fysieke werkomgeving.

Vier gemeenten testen een Linux-werkplek in combinatie met het platform Mijn Bureau. De proef maakt deel uit van de Nederlandse Digitaliseringsstrategie en is gericht op meer digitale autonomie. Tegelijkertijd brengt deze ontwikkeling bredere organisatorische veranderingen met zich mee.

De scheiding tussen digitale systemen en huisvesting vervaagt. Keuzes over software, data en samenwerking beïnvloeden steeds vaker de inrichting van kantoren en werkplekken. Organisaties staan daardoor voor de opgave om digitale en fysieke keuzes in samenhang te maken.

Dat vraagt om een andere benadering van projecten. Niet het gebouw of de techniek is leidend, maar de vraag hóe een organisatie wil functioneren. Pas daarna volgen keuzes over inrichting, systemen en samenwerking.

De pilot laat zien dat de invoering van nieuwe digitale werkomgevingen complex is. Integratie van bestaande systemen, eisen rond privacy en security alsmede de impact op medewerkers spelen daarbij een belangrijke rol. Juist daarom ligt volgens HEVO Experts in Huisvesting en Vastgoed de sleutel bij het maken van samenhangende keuzes vooraf. De werkplek van de toekomst ontstaat niet uit losse optimalisaties, maar uit een totale benadering, waarin digitale en fysieke werkomgevingen elkaar versterken.

Organisaties die vooraf duidelijke keuzes maken over hun werkwijze, kunnen gerichter investeren in zowel hun digitale als fysieke omgeving.