De afgelopen zomermaanden werd in veel Nederlandse tuinen regelmatig de barbecue aangestoken. Bijna een derde (32%) eet in deze periode minstens twee keer per maand eten dat op de barbecue is bereid. Vooral jongere Nederlanders doen dit regelmatig: onder dertigers ligt dit aandeel op 43%, terwijl dit onder 60-plussers met 16% een stuk lager ligt. Dat blijkt uit onderzoek van Keukenloods onder ruim 2.000 Nederlanders.
Jonge gezinnen eten het vaakst van de BBQ
De frequentie waarmee Nederlanders in de zomer van de barbecue eten, verschilt duidelijk per leeftijdsgroep. Onder Nederlanders jonger dan 30 jaar zegt 43% minstens twee keer per maand eten te eten dat op de barbecue is bereid. Bij 30- tot 39-jarigen ligt dit aandeel met 45% zelfs nog iets hoger. Van de Nederlanders van 60 jaar en ouder doet slechts 16% dit.
Ook de gezinssituatie speelt een rol. Zo eet de helft van de huishoudens met kinderen onder de 12 jaar in de zomer minstens twee keer per maand eten dat op de barbecue is bereid. Bij huishoudens met kinderen tussen de 13 en 17 jaar ligt dit aandeel met 37% een stuk lager. Onder eenpersoonshuishoudens is barbecueën nog minder frequent: daar eet 21% minstens twee keer per maand van de barbecue.
Mannen het meest achter de grill
Zodra de barbecue wordt aangestoken, staat voornamelijk de man achter de grill. Waar vrouwen vaker de dagelijkse maaltijd bereiden (73% tegenover 45% van de mannen), nemen mannen bij het barbecueën juist vaker het grillen voor hun rekening. Van de mannen zegt 67% meestal achter de barbecue te staan, tegenover 16% van de vrouwen.
Vooral mannen tussen de 30 en 49 jaar nemen de grill voor hun rekening. Onder mannen van 30 tot en met 39 jaar geldt dit voor 84%, bij veertigers voor 81%. Bij mannen jonger dan 30 ligt dit aandeel met 50% duidelijk lager.
Vrouwen zijn juist vaker betrokken bij de voorbereidingen. Zo zegt 63% van de vrouwen zich bezig te houden met bijvoorbeeld boodschappen doen, ingrediënten snijden en vlees marineren. Onder vrouwen van 30 tot en met 39 jaar loopt dit op tot 77%.
Een respondent herkent die verdeling thuis: “Mijn man is inderdaad degene die bij ons de barbecue aansteekt, met veel plezier overigens. Ik als vrouw verzorg dan het eten en drinken erbij. Een traditionele rolverdeling wellicht, maar bij ons werkt het op deze manier.”
Flevolanders steken de barbecue het vaakst aan
Ook regionaal zijn verschillen zichtbaar. In Flevoland zegt 45% van de inwoners in de zomer minstens twee keer per maand te barbecueën. Daarmee staat de provincie bovenaan, gevolgd door Overijssel (40%) en Noord-Brabant (37%). Friesland sluit de rij met 22%.
Over heel Nederland blijft vooral het verschil in taken rond de barbecue opvallend: mannen staan vaker achter de grill, terwijl vrouwen vaker een deel van de voorbereiding op zich nemen.
Over het onderzoek:
Het onderzoek werd uitgevoerd door PanelWizard in opdracht van Keukenloods, onder 2.066 Nederlanders van 18 jaar en ouder. De steekproef is representatief voor de Nederlandse bevolking van 18 jaar en ouder. De meting vond plaats van 21 tot en met 24 juli 2026.