Nu de temperaturen deze week oplopen, wordt in veel Nederlandse tuinen de barbecue weer aangestoken. Toch wordt barbecueën in Nederland nog altijd sterk met mannen geassocieerd. Ruim acht op de tien Nederlanders zien de man doorgaans achter de barbecue staan. Dat blijkt uit onderzoek van Keukenloods onder ruim 2.000 Nederlanders. Opvallend genoeg herkennen vrouwen (84%) dit beeld zelfs iets vaker dan mannen (78%).
Mannen staan ook daadwerkelijk vaker achter de grill
Zodra de barbecue wordt aangestoken, lijkt de taakverdeling in de keuken te verschuiven. Terwijl vrouwen vaker de dagelijkse maaltijd bereiden (73% van de vrouwen tegenover 45% van de mannen), nemen mannen bij de barbecue juist vaker het grillen op zich. Van de mannen zegt 67% meestal achter de grill te staan, tegenover 16% van de vrouwen.
Vooral mannen tussen de 30 en 49 jaar staan vaak achter de barbecue. Van de mannen tussen de 30 en 39 jaar zegt 84% doorgaans achter de grill te staan. Onder veertigers is dat 81%. Opvallend is dat bij mannen jonger dan 30 jaar dit aandeel aanzienlijk lager ligt, met 50%.
Hoewel mannen vaker achter de barbecue staan, nemen vrouwen juist vaker de voorbereidingen voor hun rekening. Zo zegt 63% van de vrouwen zich bezig te houden met boodschappen doen, ingrediënten snijden en vlees marineren. Onder vrouwen tussen de 30 en 39 jaar ligt dit aandeel het hoogst: 77%.
Deze traditionele rolverdeling is ook terug te zien bij de respondenten. Een deelnemer vertelt: “Mijn man is inderdaad degene die bij ons de barbecue aansteekt, met veel plezier overigens. Ik als vrouw verzorg dan het eten en de drank erbij. Een traditionele rolverdeling wellicht, maar bij ons werkt het op deze manier.”
Mannen ervaren barbecueën vaker als ontspanning
Mannen ervaren barbecueën bovendien vaker als ontspanning dan als huishoudelijke taak. Zes op de tien mannen zien het bereiden van eten op de barbecue eerder als een moment om te ontspannen dan als huishoudelijk werk. Onder vrouwen zegt juist 61% barbecueën niet op die manier te ervaren.
Vooral Nederlanders tussen de 30 en 39 jaar zien barbecueën als ontspanning. Van deze groep zegt 60% dat dit voor hen geldt. Onder zestigplussers ligt dit aandeel met 42% het laagst.
Flevolanders zijn de meest fanatieke BBQ’ers
Ook regionaal zijn duidelijke verschillen zichtbaar in hoe vaak Nederlanders barbecueën. Flevoland voert de ranglijst aan: 45% van de inwoners zegt in de zomer minstens twee keer per maand te barbecueën. Daarna volgen Overijssel (40%) en Noord-Brabant (37%). Friesland sluit de ranglijst af met 22%.
De volledige provinciale ranglijst ziet er als volgt uit:
- Flevoland: 45%
- Overijssel: 40%
- Noord-Brabant: 37%
- Limburg: 36%
- Gelderland: 32%
- Zuid-Holland: 31%
- Groningen: 28%
- Utrecht: 28%
- Noord-Holland: 28%
- Drenthe: 27%
- Zeeland: 26%
- Friesland: 22%
Hoewel Nederlanders verschillend tegen barbecueën aankijken, blijft één beeld overeind: de traditionele rolverdeling rondom de barbecue is voor veel Nederlanders nog altijd herkenbaar, met de man achter de grill.
