'Benut Europese ruimte om middenhuur vlot te trekken'

• ING

De Europese Commissie presenteert in de tweede helft van 2026 de Affordable Housing Act, die overheden meer mogelijkheden moet geven de druk op de woningmarkt te verlichten. In Vastgoedjournaal stelt Europarlementariër Dirk Gotink terecht dat Europa nu al voldoende ruimte biedt om corporaties én private partijen te ondersteunen bij de bouw van middenhuurwoningen, maar dat Nederland die ruimte nog onvoldoende benut.

De oplossing ligt vooral in Den Haag. Door de aanpassing van de Woningwet te versnellen, kan de bouw van middenhuurwoningen eerder worden vlotgetrokken. Nu gaat het wetsvoorstel pas in de tweede helft van 2027 naar de Tweede Kamer. Invoering vóór 1 juli 2028 is volgens het kabinet lastig, maar Aedes (de landelijke branchevereniging voor woningcorporaties) acht 1 januari 2028 haalbaar.

Den Haag moet tempo maken

Nederland kan de wetsvoorbereiding versnellen door onderdelen parallel uit te werken, de behandeling tijdig voor te bereiden en waar mogelijk bestaande regels technisch aan te passen. Nederland maakt de uitvoering van Europese regelgeving vaak ingewikkelder dan nodig. Terwijl de Europese staatssteunregels zijn verruimd, wachten corporaties nog jaren voordat zij voor middenhuur gebruik kunnen maken van geborgde financiering. Gemeenten en provincies kunnen nu al subsidies, garanties of betaalbare grond inzetten. Dat helpt, maar vervangt geen structurele financieringsoplossing.

Ook institutionele beleggers zouden toegang moeten krijgen tot een passende vorm van borging van leningen via het WSW (het Waarborgfonds Sociale Woningbouw) of via een gelijkwaardig stelsel. Daarmee ontstaat een gelijker speelveld tussen publieke en private partijen en kan de bouw van middenhuur sneller op gang komen. Belangrijker nog, schaf de vennootschapsbelasting voor woningcorporaties af zodat zij voldoende ruimte houden om te investeren in nieuwbouw, verduurzaming en betaalbare huren.

Gelijk speelveld

Private investeerders zijn onmisbaar. Rechtstreekse toegang tot het WSW vraagt wel om een zorgvuldige herziening van het borgingsstelsel, omdat het fonds nu is ingericht voor woningcorporaties. Een afzonderlijk borgingsspoor met vergelijkbare voorwaarden kan daarom sneller en juridisch beter uitvoerbaar zijn.

Belastingdruk beperkt bouwkracht

De investeringskracht van corporaties verdient evenveel aandacht. Hun vennootschapsbelasting stijgt volgens Aedes van € 777 miljoen in 2025 naar € 1,5 miljard in 2029. Afschaffing kan naar schatting ongeveer € 40 miljard extra investeringsruimte opleveren. Dat geld is harder nodig voor nieuwbouw, verduurzaming en betaalbare huren dan voor belastingafdrachten.