Per 1 mei werkt het UWV samen met een selectie private partijen om zo de oplopende wachttijden van EersteJaars Ziektewet beoordelingen (EZWB) terug te dringen. In deze opzet kan het UWV naar verwachting circa 3.400 dossiers sneller en zorgvuldiger afhandelen. Een belangrijke stap, maar tegelijkertijd slechts een fractie van de totale achterstand in Nederland. Werkgevers draaien nu nog op voor de kosten, terwijl de politiek daar in moet springen.
Eerste stap
Volgens het Platform Private Uitvoering Sociale Zekerheid (PPUSZ) laat deze ontwikkeling, waarbij samenwerkingen toenemen, zien waar de oplossing ligt. Dit is dus echt een eerste stap, maar zeker geen eindpunt. Juist de samenwerking tussen publieke en private uitvoerders is nodig om de structurele achterstanden bij het UWV aan te pakken, niet alleen binnen de Ziektewet, maar ook bij de WIA herbeoordelingen biedt een dergelijke samenwerking perspectief om de huidige stagnatie op te lossen.
Werkgever betaalt de rekening
Tegelijkertijd speelt er een andere urgente kwestie: de financiële gevolgen voor werkgevers wanneer er lange wachttijden zijn. Zolang het UWV de rechtmatigheid van uitkeringen niet voldoende kan waarborgen, worden kosten onevenredig bij individuele werkgevers neergelegd. Het gaat daarbij om honderden miljoenen euro’s aan doorbelasting van onnodig doorlopende ZW- en WGA‑uitkeringen.
Daarom zou de politiek en specifiek het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid deze lasten moeten compenseren. Werkgevers hebben via het Arbeidsongeschiktheidsfonds (Aof) namelijk al miljarden bijgedragen. Het is niet houdbaar dat zij nu ook opdraaien voor systeemproblemen in de uitvoering.