In het nieuwe coalitieakkoord is afgesproken dat vanaf 2029 hybride warmtepompen verplicht worden waar geen warmtenet is. Begrijpelijk, maar de praktijk wringt. Warmtenetten zijn op veel plekken niet op tijd klaar, terwijl bewoners wél moeten investeren.
Komt het warmtenet pas vijf jaar later, dan is de hybride warmtepomp nog lang niet afgeschreven. Aansluiten op een warmtenet wordt dan een desinvestering, wat leidt tot juridische discussies tussen bewoners en gemeenten en minder deelname. Daarmee komt juist de businesscase van het warmtenet onder druk te staan, met vertraging en hogere kosten als gevolg.
Ook de nadruk op de ‘slimme’ warmtepomp vraagt nuance. Slim sturen gaat niet over één apparaat, maar over het geheel van grootverbruikers in huis. Regie hoort in een overkoepelend systeem, niet in losse technologie die elkaar uiteindelijk tegenwerkt.
Tot slot: voorkom een typisch Nederlandse oplossing en voorkom dat fabrikanten specifiek voor Nederland aanpassingen van warmtepompen moeten ontwikkelen.
De technologie om slim te sturen bestaat al. Het wiel opnieuw uitvinden is niet nodig.
De kern is regie. Richt beleid op het einddoel van een samenwerkend energiesysteem, niet op één tijdelijke oplossing.