'Ommekeer op markt voor elektrische occasions vraagt om herijking van stimuleringsbeleid'

• ING Bank

In april werden in Nederland 13.791 elektrische occasions verkocht, bijna een verdubbeling ten opzichte van april 2025. Mede door de fors gestegen benzineprijs is er voor het eerst in jaren een trendbreuk op de Nederlandse markt voor gebruikte elektrische auto’s. Dit vraagt om een reflectie op beleid voor elektrische occasions. Als deze trend doorzet, kan bijvoorbeeld de eTimerregeling verstorend werken en wordt de inruilregeling voor fossiele auto's juist kansrijker.

Invloed op markt én subsidies

Tot voor kort verlieten veel elektrische leaseauto’s na afloop van hun contract het land, inclusief de subsidies die bedoeld waren om deze auto’s op Nederlandse wegen te houden. In april 2026 daalde het aantal geëxporteerde elektrische personenauto’s met 17 procent ten opzichte van een jaar eerder. Tegelijkertijd verdubbelde de import en trok ook de binnenlandse occasionmarkt sterk aan.

eTimerregeling mogelijk niet meer passend

Hoewel deze ontwikkeling nog pril is, roept zij wel de vraag op of de in maart door de Tweede Kamer voorgestelde eTimerregeling, die momenteel verder wordt uitgewerkt, nog de juiste prikkel geeft. Het voorstel moet de export van elektrische occasions beperken. Gunstigere bijtellingsregels stimuleren leaserijders langer in hun elektrische auto's te blijven rijden. Dit zou gelden voor elektrische auto’s van vijf tot acht jaar oud. Deze auto’s zouden dan later als betaalbare occasion op de markt zouden komen, omdat de prijzen van de huidige, veelal vijf jaar oude EV‑occasions vaak niet aansluiten bij het budget van de occasionkoper.

Nu de vraag naar elektrische occasions aantrekt, kan deze regeling echter verstorend werken. Ze beperkt het aanbod op de occasionmarkt en remt de doorstroming van zakelijke rijders naar nieuwe elektrische auto’s, terwijl juist die doorstroming belangrijk is voor de verkoop van nieuwe EV’s.

Inruilregeling fossiele auto’s kansrijker

Kansrijker lijkt de inruilregeling voor fossiele auto’s. Huishoudens met een lager of middeninkomen krijgen daarbij subsidie wanneer zij een fossiele auto van vóór 2009 inruilen voor een tweedehands elektrische auto. Hierdoor wordt elektrisch rijden toegankelijker voor een bredere groep en wordt het verouderende wagenpark versneld vernieuwd. De meest vervuilende auto’s verdwijnen van de weg, terwijl jonge elektrische auto’s behouden blijven voor de Nederlandse markt.

De ontwikkeling van de vraag naar elektrische occasions duidt op een stijgende lijn, maar of die doorzet is de vraag. Het is nu essentieel om te bepalen of dit een tijdelijke correctie is of een structurele trend. Dat onderscheid is richtinggevend voor nieuw stimuleringsbeleid, verkeerde prikkels kunnen de markt onbedoeld verstoren.