In 2026 wordt verduurzaming van de bestaande gebouwde omgeving nadrukkelijker onderdeel van het Nederlandse bouw- en woningbeleid. Nieuwe wettelijke kaders moeten ervoor zorgen dat renoveren in plaats van vervangen niet alleen een duurzame keuze is, maar ook een structureel onderdeel van de nationale ambitie om emissies te verlagen en circulair te bouwen.
Het kabinet en de Tweede Kamer werken aan aanscherping van bouwregelgeving die verder gaat dan alleen energieprestatie. Onderdeel daarvan is de implementatie van Europese richtlijnen zoals de Energy Performance of Buildings Directive (EPBD IV), die uiterlijk in 2026 moet zijn verwerkt in het Besluit bouwwerken leefomgeving. Daarmee komen er strengere eisen voor energieprestaties en duurzaamheid, ook bij renovaties van bestaande woningen.
Naast energie-eisen zet de overheid sterker in op circulair bouwen en het verlengen van de levensduur van bestaande materialen. In beleidsstukken wordt steeds vaker benadrukt dat het behoud van bouwdelen een belangrijke rol speelt bij het behalen van de klimaatdoelen richting 2030 en 2050.

Die beleidsverschuiving is ook zichtbaar in de praktijk. Renovatiespecialisten merken dat huiseigenaren bewuster omgaan met bestaande materialen. Zo geven bedrijven als Vloer Schuur Expert aan dat steeds meer klanten expliciet kiezen voor herstel van bestaande vloeren, mede vanuit duurzaamheidsoverwegingen en in reactie op stijgende materiaalkosten.
Het kabinet ondersteunt deze ontwikkeling via financiële prikkels en regelingen die circulair renoveren aantrekkelijker maken. De Rijksdienst voor Ondernemend Nederland stimuleert het hergebruik van materialen via fiscale voordelen en subsidieregelingen, onder meer door circulaire toepassingen op te nemen in de Milieu- en Energielijst.
Onderzoek onderstreept milieuwinstWetenschappelijk onderzoek bevestigt de beleidskeuze. Uit analyses van het IVL Swedish Environmental Research Institute blijkt dat het renoveren van bestaande vloeroppervlakken tot 92 procent minder CO₂-uitstoot kan veroorzaken dan volledige vervanging. Ook het energieverbruik kan met tot 98 procent worden teruggebracht. Volgens onderzoekers toont dit aan hoe groot de impact van circulaire keuzes op huishoudniveau kan zijn.
Door materialen langer te gebruiken, wordt de vraag naar nieuwe grondstoffen verminderd en neemt de afvalproductie af. Daarmee sluit renovatie nauw aan bij de nationale ambitie om in 2050 volledig circulair te zijn.
Betaalbaarheid en behoud van woonkwaliteitNaast milieuvoordelen speelt betaalbaarheid een steeds grotere rol. Renovatie is doorgaans goedkoper dan volledige vervanging en helpt het karakter van bestaande woningen te behouden. In aanloop naar 2026 verwachten deskundigen dan ook dat onderhoud en herstel een structureel onderdeel worden van woon- en renovatiebeleid.
De ontwikkeling onderstreept dat duurzaam wonen niet alleen draait om nieuwbouw of grootschalige verbouwingen. Juist door gericht onderhoud en slimme renovatie kan de levensduur van woningen worden verlengd, met voordelen voor bewoners, beleid en milieu.