'Sector vermogensbeheer moet streven naar volledige transparantie rond vergoedingen'

• Newtone

De recente discussie over indirecte provisies binnen de vermogensbeheersector laat zien dat beleggers behoefte hebben aan maximale duidelijkheid over de kosten die zij betalen. De oplossing ligt niet in nieuwe wetgeving, maar in volledige transparantie over vergoedingen, dienstverlening en verantwoordelijkheden.

Provisieverbod om belangenverstrengeling te voorkomen

Het provisieverbod is ooit ingevoerd om belangenverstrengeling te voorkomen en het belang van de klant centraal te stellen. Dat uitgangspunt staat nog altijd als een huis. De vraag is niet of een adviseur of vermogensbeheerder betaald mag worden voor zijn werkzaamheden. De vraag is of voor de klant volledig inzichtelijk is wie welke vergoeding ontvangt en welke diensten daar tegenover staan.

Daarom is een duidelijke scheiding tussen financieel advies en vermogensbeheer onmisbaar. Iedere partij zou uitsluitend zijn eigen dienstverlening rechtstreeks aan de klant moeten factureren. Op die manier ontstaat volledige openheid en verdwijnt de discussie over indirecte vergoedingsstromen. Daarnaast zou iedere belegger jaarlijks een overzicht moeten ontvangen waarin alle kosten, vergoedingen en geleverde dienstverlening helder zijn opgenomen.

Transparantie leidt tot vertrouwen

Wanneer een klant precies kan zien wat hij betaalt, aan wie hij betaalt en wat hij daarvoor terugkrijgt, ontstaat vertrouwen. En vertrouwen is de basis van een gezonde financiële relatie.

Tegelijkertijd is het goed om kritisch te kijken naar de manier waarop financieel advies wordt vergoed. Een vast abonnementsmodel kan in veel gevallen een transparanter alternatief zijn dan vergoedingen die meestijgen met het belegde vermogen. Dat voorkomt dat financiële prikkels, hoe beperkt ook, een rol kunnen spelen bij de keuze voor een bepaalde vermogensbeheerder of beleggingsoplossing.

In de vermogensbeheersector is vertrouwen de belangrijkste valuta. Constructies die juridisch toegestaan zijn, maar voor klanten moeilijk te begrijpen zijn, zullen uiteindelijk altijd ter discussie blijven staan. Daarom moet niet alleen naar de letter van de wet worden gekeken, maar vooral naar de bedoeling ervan: het beschermen van het klantbelang door openheid, eenvoud en transparantie.