De slaapcycli van baby’s worden in het eerste levensjaar geleidelijk langer. Tussen de leeftijd van 3 en 12 maanden neemt de gemiddelde cyclusduur met ongeveer tien minuten toe. Dat blijkt uit internationaal onderzoek waaraan het Radboudumc heeft meegewerkt.
Afbeeldingsbron: Pexels
Voor het onderzoek analyseerden wetenschappers ruim 35.000 uur aan slaapgegevens van 152 baby’s. De kinderen werden onderzocht toen zij 3, 6 en 12 maanden oud waren. Ook werden slaapgegevens van hun ouders verzameld.
De bewegingen tijdens de slaap werden gemeten met actigrafie. Bij deze methode registreert een draagbare bewegingsmeter gedurende langere tijd hoeveel iemand beweegt. De onderzoekers gebruikten perioden waarin de armen en benen niet bewogen om terugkerende patronen binnen de slaap te herkennen.
Bij de baby’s werd een gemiddelde cyclusduur van 62 minuten gemeten. Bij hun ouders duurden de cycli gemiddeld 81 minuten. De gevonden patronen hangen samen met de afwisseling tussen remslaap en non-remslaap, al zijn de biologische mechanismen en functies van slaapcycli volgens de onderzoekers nog niet volledig bekend.
De cycli werden langer naarmate de baby’s ouder werden. De onderzoekers zagen daarnaast een verband met de duur van afzonderlijke slaapperiodes. Voor ieder extra uur dat een baby achter elkaar sliep, nam de gemeten cyclusduur gemiddeld met een minuut toe.
De resultaten sluiten aan bij eerdere, kleinschaligere onderzoeken naar de ontwikkeling van remslaap en non-remslaap bij jonge kinderen. Door de grote hoeveelheid verzamelde slaapgegevens konden de onderzoekers veranderingen gedurende het eerste levensjaar nauwkeuriger volgen.
Ook borstvoeding hing samen met verschillen in cyclusduur. Bij baby’s die op de leeftijd van 12 maanden nog borstvoeding kregen, waren de slaapcycli gemiddeld 2,5 minuut langer dan bij andere baby’s. Bij moeders die borstvoeding gaven, werd een gemiddeld verschil van 6,7 minuten gevonden.
De bewegingspatronen van baby’s verschilden eveneens van die van volwassenen. Baby’s bewogen aan het begin van hun slaap relatief veel, waarna hun activiteit sneller afnam. Ook waren de verschillen in activiteit binnen één cyclus groter. Gedurende het eerste levensjaar begonnen deze patronen zich volgens de onderzoekers in de richting van het volwassen slaappatroon te ontwikkelen.
De uitkomsten onderstrepen dat slaap bij baby’s nog sterk verandert, merkt Slaapwijsheden.nl op. Zowel de duur van de cycli als de bewegingen tijdens de slaap ontwikkelden zich gedurende de onderzochte periode.
De studie richtte zich uitsluitend op slaapcycli en bewegingsmetingen. Factoren zoals matrassen, hoofdkussens en andere aanpassingen aan de slaapomgeving werden niet onderzocht, zoals ook Hoofdkussenwijzer.nl aangeeft.
Daarom kunnen op basis van het onderzoek geen conclusies worden getrokken over de invloed van slaapproducten op de slaap van baby’s. Die afbakening is volgens Volgensconsument.nl van belang bij de interpretatie van de onderzoeksresultaten.
Volgens de onderzoekers laten de resultaten zien dat bewegingen van armen en benen kunnen worden gebruikt om de ontwikkeling van slaapcycli bij grote groepen jonge kinderen te bestuderen. Vervolgonderzoek moet duidelijk maken wat de gevonden patronen betekenen voor de ontwikkeling en gezondheid van kinderen.
Bronnen:
Charting infant sleep cycle development using actigraphy: longitudinal evidence for ultradian cycle lengthening within the first year of life from 35,000 hours of sleep
