In meerdere Nederlandse gemeenten blijkt een groot aantal bestaande woningen in theorie geschikt om te worden opgesplitst in kleinere wooneenheden. Uit recente gemeentelijke onderzoeken komt naar voren dat onder meer Westland, Steenwijkerland, Maashorst en Ede duizenden potentiële splitsbare woningen tellen. In sommige gemeenten gaat het om tienduizenden adressen waar relatief beperkte ingrepen, zoals interne aanpassingen, nieuwe voorzieningen of het creëren van een zelfstandige entree, voldoende kunnen zijn om extra woonruimte te realiseren.

De analyses sluiten aan bij landelijke onderzoeken van ABF Research, waarin wordt benadrukt dat het uitbreiden van de bestaande woningvoorraad noodzakelijk blijft om het woningtekort te verkleinen. Volgens deze ramingen zijn er in 2025 ruim vierhonderdduizend woningzoekenden tegenover slechts enkele tienduizenden beschikbare woningen. Gemeenten kijken daarom steeds vaker naar alternatieven naast nieuwbouw, zoals splitsing, woningdelen, optoppen en transformatie.
Verschillende gemeenten melden dat een groot deel van de woningen technisch relatief eenvoudig te scheiden is in twee wooneenheden. In sommige gevallen gaat het bijvoorbeeld om ruime gezinswoningen met een eigen zolderverdieping of aanbouw. Bij een deel van deze woningen spelen praktische elementen mee, zoals het verplaatsen van installaties of het creëren van een nieuwe toegang. Ook het aanpassen van bestaande garagedeuren wordt soms genoemd als praktische ingreep om een zelfstandige toegang of extra bergruimte te realiseren.
Hoewel de potentie groot is, blijft het daadwerkelijk realiseren van extra woonruimte afhankelijk van gemeentelijke regelgeving, beschikbare vergunningen en de bereidheid van woningeigenaren. Veel gemeenten onderzoeken momenteel of versoepeling van regels kan bijdragen aan snellere realisatie van nieuwe, kleine wooneenheden in de bestaande voorraad.