Lhbtiqa+ monitor 2026: Grote verschillen in welzijn en acceptatie lhbtiqa+ personen

• Movisie

ONDER EMBARGO TOT DINSDAG 6 OKTOBER 2026 15.00 UUR.

Inzicht in de leefsituatie van en opvattingen over lhbtiqa+ personen in Nederland

Lhbtiqa+ personen ervaren meer discriminatie en hebben een slechtere mentale gezondheid dan niet-lhbtiqa+ personen. Hoewel het welzijn en de acceptatie van homoseksuele en lesbische personen positief blijft, is de leefsituatie van en opvattingen over met name non-binaire, transgender en intersekse personen zorgelijk. Dit blijkt uit de nieuwste Lhbtiqa+ monitor 2026 van kennisinstituut Movisie, Panteia en Ipsos I&O.

De houding tegenover lhbtiqa+ personen is tussen 2024 en 2026 stabiel gebleven, maar verschilt sterk per groep. Zo denken Nederlanders het meest positief over homoseksuele en lesbische personen (84%) en minder positief over non-binaire (52%), transgender (63%) en intersekse personen (66%). Hoewel er de afgelopen jaren een stijgende lijn te zien was, is de acceptatie tegenover homoseksualiteit nu stabiel gebleven. Karijn van den Berg, senior-onderzoeker bij Movisie: ‘Lange tijd werden de opvattingen over homoseksualiteit steeds positiever. Hoewel een grote meerderheid homoseksualiteit accepteert, zien we nu voor het eerst dat deze stijgende lijn niet verder doorzet. Over de andere lhbtiqa+ groepen wordt bovendien een stuk minder positief gedacht. Een zorgelijke ontwikkeling die om blijvende aandacht vraagt.’

Judith Tielen, staatssecretaris van Onderwijs en Emancipatie: ‘In ons land mag je zijn wie je bent en verliefd worden op wie je wilt. Gelukkig vinden de meeste Nederlanders dat ook. Maar we zien ook dat het nodig is te blijven strijden voor die vrijheid en gelijkwaardigheid.’

Discriminatie

Uit het onderzoek blijkt dat alle lhbtiqa+ groepen vaker te maken krijgen met discriminatie dan niet-lhbtiqa+ personen. Non-binaire en queer personen ontvangen daarnaast overwegend meer online haatreacties dan andere lhbtiqa+ groepen. Uit de monitor komt ook naar voren dat meer mensen het aanstootgevend vinden als twee mannen in het openbaar zoenen (21% in 2024 tegenover 27% in 2026). Alle lhbtiqa+ groepen zijn zich meer bewust van wat ze wel en niet doen in het openbaar. Het gaat hier om bijvoorbeeld affectie tonen aan een partner of het aanpassen van uiterlijk of gedrag.

Nederlanders kijken in 2026 negatiever naar transgender vrouwen dan in 2024. Het aantal Nederlanders dat transgender vrouwen niet als echte vrouwen ziet, stijgt van 29% in 2024 naar 35% in 2026. Ook geeft een groeiende groep aan de relatie te verbreken als hun partner zou vertellen dat die transgender is (in 2024 was dit 40%, in 2026 is dit 49%).

‘Ervaringen van deelnemers van de groepsgesprekken laten zien dat discriminatie en onveilige situaties voor veel lhbtiqa+ personen een dagelijkse realiteit zijn. Vervelende vragen of opmerkingen, nageroepen worden op straat en online haat hebben invloed op je gevoel van veiligheid, jezelf uiten en je leven kunnen leiden zoals je dat wil. Veel deelnemers vertelden dat dat niet alleen leidt tot extra voorzichtigheid, maar soms ook tot somberheid en minder bewegingsvrijheid.’

Mentale gezondheid

Alle lhbtiqa+ groepen hebben vaker suïcidale gedachten dan niet-lhbtiqa+ personen. Ook hebben lhbtiqa+ personen een aanzienlijke slechtere mentale gezondheid (zoals depressies en burn-outs), met uitzondering van homoseksuele en lesbische personen. Hun mentale gezondheid is vergelijkbaar aan die van niet-lhbtiqa+ personen.

Desinformatie tegengaan

Uit de monitor blijkt verder dat kennis over intersekse personen en aseksuele personen beperkt is. Van den Berg: ‘Een gebrek aan kennis kan de acceptatie van deze groepen belemmeren. In de praktijk kan het ook betekenen dat lhbtiqa+ personen te maken krijgen met onbegrip en niet de juiste ondersteuning ontvangen, bijvoorbeeld in de (geestelijke) gezondheidszorg. Het is daarom belangrijk om te investeren in het beter toerusten van zorg en welzijnsprofessionals’. Daarnaast is het van belang om desinformatie over lhbtiqa+ personen tegen te gaan, bewustwording te vergroten en acceptatie te bevorderen. ‘Dat kan bijvoorbeeld door extra aandacht en voorlichting op scholen en door mediawijsheid te vergroten om desinformatie tegen te gaan’.

Over de Lhbtiqa+ monitor

In de Lhbtiqa+ monitor 2026 is het welzijn van lhbtiqa+ personen van 18 jaar en ouder in Nederland in kaart gebracht en vergeleken met die van niet-lhbtiqa+ personen. Ook is onderzocht wat de opvattingen zijn over lhbtiqa+ personen onder de Nederlandse bevolking. De lhbtiqa+ monitor omvat de volgende groepen: lesbische personen, homoseksuele personen, bi+ personen, aseksuele personen, queer personen, transgender personen, non-binaire personen en intersekse personen. Aanvullend is de leefsituatie van lhbtiqa+ personen van kleur en lhbtiqa+ personen met een beperking onderzocht.

De monitor bouwt voort op de Lhbtiqa+ monitor uit 2024 en eerdere edities die het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) in voorgaande jaren uitvoerde. De leefsituatie en opvattingen zijn onderzocht middels een online vragenlijst die is uitgezet onder twee steekproeven uit het I&O Research Panel. De kwantitatieve resultaten uit deze vragenlijst zijn aangevuld met duiding en ervaringen uit groepsgesprekken met personen uit de verschillende lhbtiqa+ groepen en met gegevens uit eerder uitgevoerde grootschalige bevolkingsonderzoeken.  De resultaten met betrekking tot transgender en intersekse personen zijn indicatief vanwege onder andere het relatief beperkte aantal respondenten bij de online vragenlijst.

De Lhbtiqa+ monitor 2026 kun je hier downloaden.

In 2028 wordt de Lhbtiqa+ monitor opnieuw uitgevoerd door Movisie, Panteia en Ipsos I&O.