EU-enquête: toenemende zorgen over toekomst versterken vraag naar meer actie op EU-niveau

• Europees Parlement

In tijden van hoogoplopende geopolitieke spanningen maken de burgers zich steeds meer zorgen over hun toekomst en willen ze dat de EU eensgezind en ambitieus optreedt.

Afgelopen woensdag werden de resultaten van de recentste Eurobarometer-enquête van het Europees Parlement gepubliceerd. Ze laten zien dat EU-burgers zich zorgen maken over de mondiale ontwikkelingen. Woelige tijden op geopolitiek vlak hebben grote invloed op de opvattingen van de Europeanen. De meerderheid (52%) geeft aan pessimistisch te staan tegenover de toekomst van de wereld, 39% zegt pessimistisch te staan tegenover de toekomst van de EU en meer dan twee op de vijf respondenten (41%) staan pessimistisch tegenover de toekomst van hun land. Op individueel niveau lijkt het beter gesteld te zijn: meer dan driekwart van de Europeanen (76%) is optimistisch over de eigen toekomst en die van familieleden.

Nederlandse respondenten zijn in vergelijking pessimistischer over de toekomst van de wereld (72%), maar zijn minder pessimistisch over de toekomst van de EU (30%) en over hun eigen land (35%). Ook zijn ze in vergelijking positiever over hun eigen toekomst en die van hun gezin (84%).

De uitdagingen zijn talrijk en de resultaten van de enquête bevestigen dit. Bij alle thema’s waarnaar gepeild werd, baren veiligheid en zekerheid grote zorgen. De voornaamste redenen tot bezorgdheid zijn: conflicten vlak bij de EU (72%), terrorisme (72%), cyberaanvallen door niet-EU-landen (66%), hevigere natuurrampen als gevolg van klimaatverandering (66%) en ongecontroleerde migratiestromen (65%). Velen maken zich ook zorgen over risico’s op het gebied van communicatie, zoals desinformatie (69%), haatzaaiende taal on- en offline (68%), door AI gegenereerde nepinhoud (68%), onvoldoende gegevensbescherming (68%) en dreigingen voor de vrijheid van meningsuiting (67%).

Net als hun Europese medeburgers zijn Nederlandse burgers bezorgd over veiligheidskwesties. Cyberaanvallen (67%), actieve conflicten vlak bij de EU (65%), buitenlandse drones die binnen de EU opereren (59%) en natuurrampen (57%) zijn hiervoor de voornaamste redenen. Betreffende samenleving en communicatie, zijn Nederlanders voornamelijk bezorgd over de invloed van nepmateriaal gemaakt door AI (73%), desinformatie (71%), polarisatie in de samenleving (68%), de macht van grote sociale mediabedrijven (67%) en haatzaaiende taal die online en offline wordt geuit (64%).

Roep om een verenigd Europa

Tegen de achtergrond van talrijke uitdagingen willen de EU-burgers dat de Europese Unie een tandje bijzet. Twee derde (66%) van de burgers wil dat de EU zich inzet om hen veilig te houden, wat de beschermende rol van de EU in het huidige politieke klimaat onderstreept. De burgers vinden ook eenheid cruciaal: 89% van de respondenten vindt dat de EU-landen meer verenigd horen te zijn en 73% is het ermee eens dat de Europese Unie meer middelen nodig heeft om de huidige wereldwijde uitdagingen aan te pakken. Om haar positie in de wereld te versterken, moet de EU zich volgens de burgers in de eerste plaats focussen op veiligheid en defensie (40%); concurrentievermogen, de economie en de industrie (32%); en energieonafhankelijkheid (29%).

92 % van de Nederlandse burgers vindt dat Europa meer verenigd moet zijn om uitdagingen het hoofd te bieden. Meer dan driekwart van de Nederlanders (76%) vindt ook dat de EU meer middelen hiervoor nodig heeft. De uitdagingen waarvan Nederlanders willen dat de EU zich op richt zijn defensie (48%), energieonafhankelijkheid (32%) en klimaat (29%).

“Geopolitieke spanningen bepalen het dagelijkse gevoel van veiligheid van Europeanen. Burgers verwachten dat de Europese Unie bescherming biedt, paraat staat en gezamenlijk optreedt. Dat is precies wat een sterker en assertiever Europa moet leveren. Europa is ons sterkste schild,” zei voorzitter van het Europees Parlement, Roberta Metsola.

Kosten van levensonderhoud als belangrijke prioriteit

Hoge prijzen blijven de levensstandaard van burgers sterk beïnvloeden. Binnen de EU zijn inflatie, stijgende prijzen en de kosten van levensonderhoud (41%) opnieuw de topprioriteiten waarvan de Europeanen willen dat het Europees Parlement ze aanpakt. Deze worden op de voet gevolgd door de economie en banencreatie (35%), een bezorgdheid die met 5 procentpunt is gestegen ten opzichte van mei 2025. Hoewel de meeste respondenten verwachten dat hun levensstandaard de volgende vijf jaar stabiel zal blijven, gaat een aanzienlijk deel (28%) uit van een daling, vooral in landen waar de economische onzekerheid intenser wordt gevoeld. De verwachting dat hun levensstandaard zal dalen, is het sterkst aanwezig bij Franse (45%), Belgische en Slowaakse burgers (beide 40%). Op Europees niveau verwachten burgers dat de EU zich richt op het versterken van haar positie in de wereld, met name door zich te concentreren op defensie en veiligheid (40%, een stijging van 3 procentpunten ten opzichte van de vorige enquête).

Nederlandse burgers lijken in vergelijking met hun Europese medeburgers minder bezorgd te zijn over stijgende prijzen (29%) en banencreatie (21%) en geven aan dat ze willen dat het Europees Parlement zich richt op defensie (58%), klimaat (46%) en migratie (41%).

Tegelijkertijd bevestigen de EU-burgers opnieuw het belang van fundamentele waarden. Vrede blijkt de waarde te zijn die volgens de meesten (52%) door het Europees Parlement moet worden verdedigd, wat het huidige geopolitieke klimaat weerspiegelt. Ook democratie (35%), vrijheid van meningsuiting (23%), mensenrechten (22%) en de rechtsstaat (21%) blijven centrale verwachtingen.

Volgens Nederlandse respondenten zijn vrede (43%), democratie (39%), mensenrechten (29%), rechtsstaat (27%) en vrijheid van meningsuiting (24%) de voornaamste fundamentele waarden die het Europees Parlement moet verdedigen.

Groeiende steun voor EU-lidmaatschap

De houdingen tegenover de EU en haar instellingen blijven positief ondanks lichte dalingen sinds mei 2025. Een relatieve meerderheid koestert een gunstig beeld van de EU (49%, -3 procentpunt), tegenover de 17% die een negatief beeld heeft. 38% staat positief tegenover het Europees Parlement (-3 procentpunt), in vergelijking met 20% negatief. Een grote en groeiende meerderheid van de burgers (62%) vindt dat het EU-lidmaatschap van hun land een goede zaak is. Het gaat om een stijging van 2 procentpunt sinds de vraag voor het laatst werd gesteld in februari/maart 2024.

Ook hier zijn Nederlandse respondenten positiever dan andere Europeanen, en is er zelfs sprake van een lichte stijging tegenover de resultaten uit mei 2025. 61% van de Nederlandse respondenten heeft een positief beeld van de EU, 50% is positief over het Europees Parlement (stijging van 5 procentpunten ten opzichte van mei 2025) en vindt 81% het EU-lidmaatschap van Nederland een positieve zaak.

In sociaal-demografisch opzicht blijven jongeren tot de meest overtuigde EU-supporters behoren en hebben zij hoge verwachtingen voor de rol van de EU. Jonge burgers tussen 15 en 30 zijn meer dan oudere burgers geneigd de EU en het Parlement positief te beoordelen: 58% heeft een positief beeld van de EU (vergeleken met 49%-43% bij oudere leeftijdsgroepen) en 68% wil dat het Europees Parlement een belangrijkere rol krijgt (vergeleken met 58%-54%). Ook is er zeer veel steun onder jonge Europeanen voor: meer eenheid tussen de EU-landen in de huidige context (90%), meer middelen voor de Europese Unie (78%) en een sterkere stem van de EU op internationaal niveau (87%).

Jongeren in Nederland waren net als hun Europese leeftijdsgenoten positiever over de EU en het Parlement dan hun oudere medeburgers, al is het verschil kleiner dan in andere EU-landen. 68% van de jongeren tussen de 15 en 24 jaar heeft een positief beeld van de EU. 85% van deze groep wil ook dat het Europees Parlement een belangrijke rol krijgt, in vergelijking tot 59 % - 67% van oudere respondenten.

De volledige resultaten zijn te vinden op de Eurobarometer-website.

Achtergrond

De najaars-Eurobarometer van 2025 van het Europees Parlement is tussen 6 en 30 november uitgevoerd door onderzoeksbureau Verian in alle 27 EU-landen. De vragen werden in fysieke aanwezigheid van de respondenten gesteld, met aanvullende video-interviews in sommige EU-landen (Cyprus, Denemarken, Finland, Malta, Nederland en Zweden). In totaal werden er 26 453 interviews afgenomen. De resultaten op EU-niveau werden gewogen op basis van het bevolkingsaantal in elk EU-land.