Btw-verhoging op overnachtingen duwt meer Nederlanders naar eigen tuin/buitenruimte

• Traffic Family

Per 1 januari 2026 is het btw-tarief op overnachtingen in Nederland gestegen van 9 naar 21 procent. Een structurele maatregel met meetbare gevolgen. Uit de ANWB Vakantiemonitor van april 2026 blijkt dat van de ruim acht miljoen Nederlanders die tijdens de april-meivakantie op pad gaan, 39 procent Nederland zelf als bestemming kiest. Gezinnen met kinderen voelen de gestegen kosten het sterkst: 37 procent van hen ondervond er veel tot zeer veel invloed van, tegenover 29 procent gemiddeld in de totale bevolking. Het aandeel Nederlanders dat vliegt daalt dit jaar van 40 naar 34 procent.

Wie de vakantie dichter bij huis doorbrengt, wil het thuis wel naar zijn zin hebben. Tuin, terras en balkon treden daarmee meer dan voorheen in de rol van tijdelijke vakantieomgeving. Dat vertaalt zich in een groeiende aandacht voor de inrichting van de eigen buitenruimte.

Een versterkte voorkeur voor dichtbij

De keuze voor vakantie dichtbij huis speelde al langer, los van de recente btw-maatregel. Uit onderzoek van DeVakantieGids.nl onder 859 Nederlanders, gepubliceerd in maart 2026 op het ANP Persportaal, blijkt dat gemak en een korte reistijd vaker de doorslag geven dan veiligheidszorgen bij de keuze voor een bestemming dichterbij. Bijna 39 procent van de respondenten noemt kortere reistijd als een belangrijke reden. Veiligheid als expliciete factor scoort slechts 14 procent.

De btw-stijging versterkt die bestaande voorkeur. Overnachtingen in eigen land werden per 1 januari direct duurder. Voor gezinnen met een strakker vakantiebudget is de drempel om elders te overnachten daarmee merkbaar hoger geworden. Een deel van die groep kiest bewust voor dagtrips en verblijf in de eigen omgeving. De achtertuin, het terras of het balkon wordt zo de uitvalsbasis voor ontspanning.

Buitenruimte als volwaardige vakantieomgeving

Een buitenruimte die tijdelijk als vakantieomgeving functioneert, vraagt om een andere inrichting dan een tuin voor incidenteel gebruik. Comfort staat centraal. Wie meerdere vakantiedagen thuis doorbrengt, heeft behoefte aan zitgelegenheid die uitnodigt tot langdurig verblijf: lange middagen, avonden met vrienden of rustige ochtenden in de zon.

Buitenmeubilair dat jarenlang op een vaste plek staat, is daarvoor niet altijd de meest passende keuze. Vakantie thuis heeft een ander karakter dan een doordeweekse avond in de tuin: de druk valt weg, de dag heeft geen schema. Die ontspannen sfeer vraagt om een andere zitervaring dan een rechte tuinstoel biedt. Nederlanders die de buitenruimte als vakantieomgeving inrichten, grijpen steeds vaker naar informelere oplossingen: een hangmat tussen twee bomen, een kringopstelling van kussens en lage stoelen voor avonden met vrienden, een buitenzitzak op het gras of terras voor wie wil lummelen in plaats van zitten. Overkappingen en parasols maken de buitenruimte ook bij wisselend weer bruikbaar, waardoor de vakantiesfeer minder afhankelijk wordt van het Nederlandse klimaat.

De buitenruimtes in Nederland lopen sterk uiteen. Een balkon van vier vierkante meter in de stad stelt andere eisen dan een achtertuin in een buitenwijk. Wat beide gemeen hebben: tijdens een vakantie thuis wordt de buitenruimte intensiever gebruikt dan gewoonlijk, wat andere eisen stelt aan wat er staat.

Blijvende maatregel, blijvend gedragseffect

De btw-verhoging is niet tijdelijk. Brancheorganisatie HISWA-RECRON wees bij de invoering al op het risico van een structurele gedragsverandering bij consumenten. De eerste signalen wijzen in die richting: de ANWB Vakantiemonitor toont dat 35 procent van de meivakantiegangers dit jaar langer in eigen land verblijft dan in voorgaande jaren.

Voor wie structureel vaker vakantiedagen thuis doorbrengt, is een investering in de buitenruimte een logische stap. Een comfortabel ingerichte tuin of terras verlaagt de drempel om thuis te ontspannen. De eigen buitenruimte als vakantiebestemming is daarmee geen noodoplossing meer, maar een bewuste keuze die een praktische aanpak van de inrichting rechtvaardigt.