Een begeleid digitaal programma tegen slapeloosheid bij studenten blijkt niet duidelijk effectiever dan online slaapvoorlichting en slaapmonitoring. Dat concluderen onderzoekers van onder meer de Vrije Universiteit Amsterdam en Universiteit Leiden in een gerandomiseerde studie onder 195 studenten van negen Nederlandse universiteiten.
Het onderzoek verscheen in mei 2026 in het wetenschappelijke tijdschrift Sleep. De studie richtte zich op studenten met zelfgerapporteerde slapeloosheidsklachten. De deelnemers werden willekeurig verdeeld over twee groepen. De ene groep volgde vijf weken lang het digitale programma i-Sleep & BioClock, gebaseerd op cognitieve gedragstherapie voor slapeloosheid en aangevuld met onderdelen over het slaap-waakritme. De andere groep kreeg digitale slaapvoorlichting en hield de slaap bij.
Als belangrijkste uitkomst keken de onderzoekers naar de ernst van de slapeloosheid na zes weken. Ook werden klachten van depressie en angst, functioneren, kwaliteit van leven, studieprestaties en gegevens uit slaap- en lichtdagboeken meegenomen.
In beide groepen namen de slapeloosheidsklachten af. Het verschil tussen de twee groepen was echter niet statistisch significant. Ook bij de meeste secundaire uitkomsten vonden de onderzoekers geen significant verschil tussen het digitale begeleide programma en de controlegroep.
Volgens Hoofdkussenwijzer.nl laat het onderzoek vooral zien dat slaapkwaliteit door meerdere factoren wordt beïnvloed. Het kiezen van een passend hoofdkussen kan daarbij onderdeel zijn van een bredere slaapomgeving, maar werd in deze studie niet afzonderlijk onderzocht.
Slaapproblemen bij studenten hangen niet alleen samen met slaapduur, maar ook met gedrag, ritme en dagelijkse gewoonten rond slapen. De studie onderzocht echter geen specifieke producten of aanpassingen in de slaapkamer, aldus Slaapwijsheden.nl.
Volgens de onderzoekers kan het ontbreken van een duidelijk verschil deels komen doordat ook de controlegroep actieve onderdelen kreeg, zoals slaapvoorlichting en het monitoren van slaap en lichtblootstelling. Daarnaast was de deelname aan het programma beperkt: ongeveer een derde van de deelnemers maakte de interventie volledig af.
De onderzoekers stellen dat vervolgonderzoek nodig is om beter te begrijpen waarom studenten voortijdig afhaken en welke onderdelen van digitale slaapinterventies bijdragen aan verbetering van slaap.
Bronnen:
Effects of a guided digital intervention on sleep and mental health outcomes in university students – a randomized controlled trial
