EU-landen moeten voortaan beter samenwerken om fraude met uitkeringen en toeslagen tegen te gaan. Ook komen er strengere regels en krijgen arbeiders uit andere lidstaten eerlijkere toegang tot sociale zekerheid. Verder komen er aangepaste regels over uitkeringen voor werkloosheid, arbeidsongeschiktheid en gezinnen. Het Europees Parlement heeft de wetgeving op uitkeringen aangepast.
Door de aanpassing komen er betere kaders om te bepalen welke socialezekerheidswetgeving geldt voor arbeiders uit EU-landen die in een andere lidstaat wonen of werken. Om fraude of fouten op te sporen moeten lidstaten voortaan snel informatie uitwisselen. Het gaat dan niet alleen om het tegengaan van oplichting, maar ook om het voorkomen van misbruikpraktijken zoals brievenbusfirma’s.
Arbeiders of zzp’ers die voor korter dan twee jaar naar een ander EU-land gaan en die geen eerder uitgezonden werknemer vervangen, blijven verzekerd in de lidstaat waar hun werkgever is gevestigd of waar ze hun activiteit uitoefenen. Om fraude en fouten tegen te gaan, moeten ze minstens drie maanden bij de sociale zekerheid in hun land van herkomst zijn aangesloten voordat ze naar het buitenland mogen gaan.
De aangepaste wet voert ook een verplicht systeem van voorafgaande kennisgeving in. Als iemand werkt in een ander EU-land, dan moeten de autoriteiten van de lidstaat van herkomst daar vooraf van op de hoogte worden gesteld. Voor zakenreizen en kortdurende detacheringen van maximaal drie dagen geldt dit niet. Echter, deze uitzondering geldt niet voor de bouwsector.
Ook maakt de aanpassing inzichtelijk hoe periodes van loondienst, zelfstandig ondernemerschap of verzekeringsdekking in verschillende lidstaten tellen bij het recht op een uitkering. Mensen die naar een ander EU-land gaan om werk te zoeken, hebben nog zes maanden recht op een werkloosheidsuitkering van het land dat ze verlaten hebben. Dat kan worden verlengd tot aan het einde van hun recht op de uitkering.
Mensen die bij de grens wonen en aan de andere kant van de grens werken, krijgen voortaan duidelijkheid over welke EU-land verantwoordelijk is voor hun uitkering. Als een grensarbeider 22 weken achter elkaar in loondienst of als zelfstandige werkt, dan wordt de uitkering betaald door het land waar gewerkt is.
Voor mensen die in twee of meer lidstaten werken, helpt nieuwe wetgeving bij het vaststellen van de ‘statutaire zetel of vestigingsplaats’ van de werkgever of onderneming. Op die manier kan worden bepaald welke socialezekerheidswetgeving van welke lidstaat van toepassing is. Zo wordt onder meer gekeken naar de plaats waar de essentiële beslissingen worden genomen, waar de omzet wordt gegenereerd en waar de algemene vergaderingen worden gehouden.
'Deze overeenkomst versterkt de strijd tegen misbruik,' zegt Europarlementariër en schaduwrapporteur Jeroen Lenaers (CDA). ‘Het maakt het moeilijker voor brievenbusbedrijven om mazen in de wet te misbruiken, en gemakkelijker voor lidstaten om de regels te handhaven. Dat beschermt eerlijke concurrentie en versterkt het vertrouwen in de interne markt.’