Te weinig bekend over effecten coronamaatregelen

14 OKT 2022 13:47 | Onderzoeksraad voor Veiligheid

Het kabinet heeft de effecten van de coronamaatregelen nauwelijks gemonitord en geëvalueerd. Hierdoor is weinig bekend over de gewenste en ongewenste effecten van de maatregelen. Met meer kennis over de effecten van genomen maatregelen kan het kabinet betere afwegingen maken bij nieuwe oplevingen van het coronavirus of bij toekomstige pandemieën. Dit concludeert de Onderzoeksraad voor Veiligheid vandaag in het onderzoeksrapport Aanpak Coronacrisis, Deel 2, over de periode van september 2020 tot juli 2021. De Raad richt zich in dit tweede onderzoek op drie coronamaatregelen: de mondkapjesplicht, de sluiting van basisscholen en voortgezet onderwijs en de avondklok. Ook is de aanpak van het vaccinatieprogramma onderzocht.

Langdurige crisis

Het tweede onderzoeksrapport van de Onderzoeksraad gaat in op de periode na de relatief rustige zomer van 2020. Nederland krijgt te maken met een nieuwe opleving van het coronavirus en de ziekenhuisopnames lopen weer op. In de samenleving komt het besef dat de coronapandemie niet voorbij is, maar een langdurige crisis is. Het kabinet voert in het najaar en de winter van 2020-2021 ingrijpende maatregelen in om de verspreiding van het coronavirus te beperken. Zoals de mondkapjesplicht, de sluiting van basisscholen en voortgezet onderwijs en de avondklok. Van tevoren zijn de effecten van deze maatregelen onzeker. Doordat weinig wordt gemonitord en geëvalueerd blijft deze onzekerheid bestaan. De Raad beveelt aan meer kennis op te bouwen over de effecten van coronamaatregelen, zodat het kabinet bij nieuwe oplevingen van het coronavirus of toekomstige pandemieën betere afwegingen over maatregelen kan maken.

Vaccinatieprogramma

Dankzij Europese samenwerking zijn ongekend snel goedwerkende vaccins ontwikkeld en beschikbaar gekomen. Nederland heeft daar actief aan bijgedragen. Als begin januari 2021 de vaccinatiecampagne start, zijn de verwachtingen hooggespannen. De vaccins zijn echter de eerste maanden nog schaars. Daarom moet gekozen worden wie als eersten een vaccin krijgen. De Gezondheidsraad adviseert het kabinet eerst de meest kwetsbare mensen te vaccineren. Dit zijn ouderen en mensen met een medisch risico. Het kabinet wijkt deels af van dit advies. Eerst worden zorgmedewerkers in de langdurige zorg gevaccineerd, daarna mensen die de overheid als medisch-kwetsbaar voor het virus aanmerkt. Maar niet alle medisch-kwetsbare mensen komen daarvoor in aanmerking. Hierdoor voelen de kwetsbaren die buiten deze aanmerking vallen zich achtergesteld. Zij komen uiteindelijk een paar maanden later aan de beurt dan oorspronkelijk gepland. Na een haperende start komt de vaccinatiecampagne op stoom. In juni 2021 is een groot deel van de bevolking gevaccineerd.

Het kabinet heeft de effecten van de coronamaatregelen nauwelijks gemonitord en geëvalueerd. Hierdoor is weinig bekend over de gewenste en ongewenste effecten van de maatregelen. Met meer kennis over de effecten van genomen maatregelen kan het kabinet betere afwegingen maken bij nieuwe oplevingen van het coronavirus of bij toekomstige pandemieën. Dit concludeert de Onderzoeksraad voor Veiligheid vandaag in het onderzoeksrapport Aanpak Coronacrisis, Deel 2, over de periode van september 2020 tot juli 2021. De Raad richt zich in dit tweede onderzoek op drie coronamaatregelen: de mondkapjesplicht, de sluiting van basisscholen en voortgezet onderwijs en de avondklok. Ook is de aanpak van het vaccinatieprogramma onderzocht.

Langdurige crisis

Het tweede onderzoeksrapport van de Onderzoeksraad gaat in op de periode na de relatief rustige zomer van 2020. Nederland krijgt te maken met een nieuwe opleving van het coronavirus en de ziekenhuisopnames lopen weer op. In de samenleving komt het besef dat de coronapandemie niet voorbij is, maar een langdurige crisis is. Het kabinet voert in het najaar en de winter van 2020-2021 ingrijpende maatregelen in om de verspreiding van het coronavirus te beperken. Zoals de mondkapjesplicht, de sluiting van basisscholen en voortgezet onderwijs en de avondklok. Van tevoren zijn de effecten van deze maatregelen onzeker. Doordat weinig wordt gemonitord en geëvalueerd blijft deze onzekerheid bestaan. De Raad beveelt aan meer kennis op te bouwen over de effecten van coronamaatregelen, zodat het kabinet bij nieuwe oplevingen van het coronavirus of toekomstige pandemieën betere afwegingen over maatregelen kan maken.

Vaccinatieprogramma

Dankzij Europese samenwerking zijn ongekend snel goedwerkende vaccins ontwikkeld en beschikbaar gekomen. Nederland heeft daar actief aan bijgedragen. Als begin januari 2021 de vaccinatiecampagne start, zijn de verwachtingen hooggespannen. De vaccins zijn echter de eerste maanden nog schaars. Daarom moet gekozen worden wie als eersten een vaccin krijgen. De Gezondheidsraad adviseert het kabinet eerst de meest kwetsbare mensen te vaccineren. Dit zijn ouderen en mensen met een medisch risico. Het kabinet wijkt deels af van dit advies. Eerst worden zorgmedewerkers in de langdurige zorg gevaccineerd, daarna mensen die de overheid als medisch-kwetsbaar voor het virus aanmerkt. Maar niet alle medisch-kwetsbare mensen komen daarvoor in aanmerking. Hierdoor voelen de kwetsbaren die buiten deze aanmerking vallen zich achtergesteld. Zij komen uiteindelijk een paar maanden later aan de beurt dan oorspronkelijk gepland. Na een haperende start komt de vaccinatiecampagne op stoom. In juni 2021 is een groot deel van de bevolking gevaccineerd.

Rolverdeling en scenario’s

In deze tweede periode van de coronacrisis ziet de Raad een herhaling van patronen uit het eerste onderzoek. De Raad concludeert in het eerste onderzoeksrapport dat de rolverdeling tussen het kabinet als besluitvormer en de experts als adviseur niet altijd duidelijk is. Bij de besluitvorming over de mondkapjesplicht ziet de Raad dit terug. Het kabinet volgt in eerste instantie volledig het negatieve medisch-wetenschappelijke advies van het Outbreak Management Team (OMT). Pas later maakt het kabinet onder politieke druk toch een andere afweging. Ook het OMT is niet altijd rolvast, bijvoorbeeld als het de schaarste van mondkapjes meeneemt in de overwegingen om niet positief te adviseren over een mondkapjesplicht.

Daarnaast ziet de Raad opnieuw dat het kabinet te weinig rekening houdt met verschillende mogelijke scenario’s. Zo gaat het kabinet in de voorbereiding van de vaccinatiecampagne uit van het scenario dat het vaccin via de huisartsen verspreid zal worden. Alle voorbereidingen zijn op dat scenario gericht. Wanneer uiteindelijk blijkt dat het eerst beschikbare vaccin niet geschikt is voor verspreiding via huisartsen, moet op het laatste moment worden overgeschakeld naar grootschalige vaccinatie door GGD’en. Hierdoor komt er grote druk op de GGD’en om in korte tijd grote vaccinatie-locaties in te richten.

Aanbevelingen

Uit het tweede deelonderzoek zijn lessen te leren voor nieuwe oplevingen van het coronavirus of toekomstige pandemieën. De Raad beveelt aan de coronamaatregelen alsnog te evalueren en de effecten en neveneffecten in kaart te brengen. In aansluiting op het eerste onderzoeksrapport benadrukt de Raad het belang van een duidelijke rolverdeling tussen de betrokken crisisorganisaties en het kabinet. De Raad geeft de aanbeveling het adviesstelsel rond het kabinet te evalueren om de inzet van de Gezondheidsraad, het OMT en nieuwe partijen zoals het Maatschappelijk Impact Team (MIT) bij toekomstige pandemieën te verbeteren. 

Derde deelrapport

De Onderzoeksraad heeft nu twee deelonderzoeken naar de Nederlandse crisisaanpak van de coronapandemie gepubliceerd. Een derde deelonderzoek loopt nog. In dit derde deelonderzoek wordt onder andere teruggekeken op de doelen en strategie van het kabinet. Het derde rapport komt naar verwachting in 2023 uit.

 

Meer binnen deze rubriek