Een verhuizing naar een verpleeghuis gebeurt meestal pas als het thuis echt niet meer gaat. Voor mensen met dementie kan zo’n verhuizing ingrijpend zijn: zij laten hun vertrouwde omgeving achter en moeten wennen aan een nieuwe plek, mensen en routines. Soms volgt er nog een tweede verhuizing met verdere negatieve effecten. Dit moet voorkomen worden door vooruit te denken. Kan het echt niet anders? Dan is zorgvuldig begeleiden noodzakelijk.
Vooruitkijken helpt voorkomen
Onderzoek laat zien dat een verhuizing naar een verpleeghuis gepaard kan gaan met stress en verdriet en samenhangt met cognitieve achteruitgang en verlies van zelfstandigheid. Juist daarom is het extra onwenselijk als iemand kort na aankomst opnieuw moet verhuizen.
Niet iedere tweede verhuizing is te voorkomen. Bij een crisis is bijvoorbeeld niet altijd direct plek op de locatie van voorkeur. Maar waar het wél kan, is het advies om eerder vooruit te kijken. Bespreek tijdig met iemand met dementie en diens naasten waar iemand zou willen wonen als het thuis niet meer gaat en laat iemand, waar mogelijk, alvast kennismaken met die plek. En organiseer de zorg zoveel mogelijk rond de bewoner, in plaats van de bewoner steeds te laten verhuizen omdat de zorgvraag verandert.
Zorgvuldige begeleiding
Als een verhuizing toch noodzakelijk is, moet die zo zorgvuldig mogelijk begeleid worden. De nieuwe verhuisbox ‘Samen uit, Samen thuis’ biedt daarvoor goede handvatten. De focus ligt hierbij op de noodzaak om de persoon met dementie te betrekken. Voorbeelden die in de box worden genoemd zijn om de persoon die verhuist alvast foto's van de nieuwe kamer en gemeenschappelijke ruimtes te geven zodat iemand al kan wennen en de persoon zelf mee te laten helpen met inpakken.
Toch geldt nog steeds een verhuizing goed begeleiden is niet hetzelfde als een onnodige verhuizing accepteren: voorkomen blijft beter.