Dementie is één van de grootste maatschappelijke uitdagingen van deze tijd. In Nederland leven ongeveer 320.000 mensen met dementie en door de vergrijzing zal dat aantal verder stijgen. Tegelijkertijd neemt het aantal zorgprofessionals af. Veel mantelzorgers combineren de zorg met een baan, vaak zelfs in de zorgsector, en lopen een reëel risico op overbelasting en uitval. De druk op het systeem is nu al groot.
Als we echt verschil willen maken, moeten we investeren in kennis. We weten nog altijd te weinig over de onderliggende ziektemechanismen van Alzheimer en andere vormen van dementie. Onderzoek naar risicofactoren zoals hoge bloeddruk en leefstijl is essentieel om dementie te voorkomen of uit te stellen. Daarnaast is vroege diagnostiek cruciaal. Betrouwbare biomarkers, bijvoorbeeld via bloedtesten, kunnen helpen om de ziekte in een eerder stadium op te sporen, wanneer medicijnen in de toekomst het meeste effect kunnen hebben.
Minstens zo belangrijk is wat we tertiaire preventie noemen: zorgen dat mensen die al dementie hebben zo lang mogelijk zorgarme jaren houden, met behoud van kwaliteit van leven voor henzelf én hun naasten. Door tijdig in te zetten op passende begeleiding, ondersteuning van mantelzorgers en technologische innovaties kunnen we mogelijk de meest intensieve fase van de ziekte uitstellen. Dat betekent minder zware zorg, minder overbelasting bij mantelzorgers en meer ruimte voor een zo normaal mogelijk leven.
De kracht van de Nationale Dementiestrategie is dat onderzoek, zorg en een dementievriendelijke samenleving in samenhang worden aangepakt. Juist die combinatie is nodig. Tegelijkertijd ligt er een belangrijke opdracht om wetenschappelijke innovaties sneller naar de praktijk te brengen. Nieuwe kennis moet niet op de plank blijven liggen, maar terechtkomen bij mensen thuis en in de zorg. Dat vraagt om nauwe samenwerking tussen wetenschap, zorgorganisaties, bedrijven, verzekeraars en overheid.
We zijn niet te laat om het tij te keren. Maar dat vraagt wel om blijvende, ambitieuze investeringen aan de voorkant van de ziekte, in preventie, vroege opsporing en innovatieve behandeling.